Omgaan met energie

Frisdrankbereiding en de productie van ingrediënten, verpakkingen en transport kosten de nodige energie. Aardgas en elektriciteit zijn de belangrijkste bronnen.

Meerjarenafspraak Energie (MJA3)
De frisdrankensector is medio 2009 toegetreden tot MJA3 (Meerjarenafspraken Energie Efficiency 3). De Meerjarenafspraken zijn vrijwillige, maar zeker niet vrijblijvende convenanten tussen overheid en het bedrijfsleven om zuiniger om te gaan met energie.

Kern van deze afspraken is dat de sector tot 2020 30% gaat besparen op het energieverbruik. Om de gemaakte afspraken te kunnen nakomen, moet de hoeveelheid benodigde energie per eenheid van een product omlaag. Hierbij wordt gekeken naar processen binnen, maar ook buiten het bedrijf (in de zogenoemde bedrijfsketen).

Inspanningen van deelnemende bedrijven
Deze aanpak vraagt behoorlijk wat inspanningen van de deelnemende bedrijven. Zo moeten de bedrijven om te beginnen energie efficiencyplannen opstellen (EEP’s). In deze EEP’s geven bedrijven aan welke maatregelen zij in een periode van vier jaar gaan nemen, waarbij ze zich richten op de doelstelling van 30% besparing tot 2020. De bedrijven worden hierbij ondersteund door AgentschapNL.

In de eerste plaats gaan bedrijven rendabele maatregelen treffen. Rendabele maatregelen zijn in principe zeker, tenzij sprake is van technische, economische of organisatorische belemmering om deze uit te voeren. In dat geval is de maatregel voorwaardelijk. Een onzekere maatregel is een maatregel waarvoor nog onderzoek nodig is alvorens kan worden besloten tot uitvoering.  

Continue aandacht
Voor de deelnemende frisdrankbedrijven vraagt deelname aan deze Meerjarenafspraak continue aandacht voor het effectiever en efficiënter inzetten van energie. Bijvoorbeeld door het gebruik van groene stroom, het zoeken naar mogelijkheden voor een laag waterverbruik en een meer efficiënte inzet van verlichting. De bedrijven die deelnemen aan de Meerjarenafspraak 3 (Coca-Cola, Vrumona, Refresco, United Soft Drinks en DIS) vertegenwoordigen ruim 80% van het energieverbruik van de sector.

Voorstudie
In het kader van MJA3 hebben de deelnemende leden ook besloten om een voorstudie uit te laten voeren. Een voorstudie betreft een brede doorkijk binnen de sector naar het jaar 2030 om te bezien of zelfs 50 procent energie efficiëntie mogelijk is. Op basis van deze voorstudie kan de FWS besluiten om een routekaart op te stellen. Een routekaart bevat concrete maatregelen om de 50 procent energie efficiëntie ook te realiseren. 

Tegenwerking
Een aantal ontwikkelingen werkt de verbetering van de energie-efficiëntie tegen. Zo vraagt de markt in toenemende mate om kleinere verpakkingen. Door het grotere aantal vullingen is ook de energiebehoefte per liter groter. Daarnaast moet door een andere manier van voorraadbeheersing (bijvoorbeeld door dagelijkse levering aan distributiecentra van supermarkten) weer vaker van product gewisseld worden op de afvullijnen. Dit leidt tot grotere stilstandverliezen en tot verlies van proces- en energie-efficiëntie. Niettemin wil de industrie toch proberen om de hoge doelstelling van 30% besparing in 2020 te halen.