Het RIVM heeft literatuuronderzoek gedaan naar de effectiviteit van een verbod op prijsaanbiedingen op suikerhoudende dranken. De studie laat zien dat er geen direct bewijs is voor de effectiviteit van dergelijke maatregelen en er ook geen voorbeelden uit andere landen zijn waar dergelijke maatregelen zijn ingevoerd en tot resultaat leiden. De bewijslast beperkt zich tot ‘indirecte aanwijzingen’, aldus de onderzoekers. Hier staat tegenover de aantoonbare trend in het frisdrankenschap naar een gezonder aanbod: tussen 2012 en 2019 daalde het gemiddelde aantal calorieën met 25% en werd er in absolute zin bijna een kwart minder suiker in frisdranken verkocht. Ook kortingsacties zijn in balans: cijfers van Nielsen laten zien dat een steeds groter aandeel van kortingsacties op laagcalorische varianten geldt. In 2019 was van alle kortingen 50% op ‘regular’ frisdranken en 50% op laagcalorische varianten gegeven. In scholen worden sinds 2018 geen reguliere frisdranken meer verkocht en fabrikanten innoveren door recepturen aan te passen en nieuwe producten zonder suiker op de markt te brengen. Naast de bekende light en zero dranken, zijn ook waters met een smaakje de laatste jaren een zeer populair alternatief. De trend zal ook de komende jaren doorzetten met meer innovaties die inspelen op veranderend consumentengedrag. De sector heeft zich in het Nationaal Preventieakkoord gecommitteerd om in 2025 de calorieën verder te verlagen tot een reductie van 30% ten opzichte van 2012.