Een mens heeft per dag zo'n 2,5 tot 3 liter vocht nodig. Een deel van dit vocht halen we uit ons eten. De rest moeten we aanvullen door te drinken. Water bijvoorbeeld. Zo houden we onze vochthuishouding op peil. Er zijn twee soorten water: water die geschikt is om in natuurlijke staat te drinken en water die bewerkt moeten worden om er drinkwater van te maken. De bewerkte water kun je onderverdelen in leidingwater van oppervlaktewater, leidingwater van grondwater, soda- en spuitwater, tafelwater en water uit een watercooler. Het natuurlijke water wordt onderverdeeld in mineraalwater en bronwater. De FWS behartigt met name de belangen van deze natuurlijke waters.